Cookies en Raadvanstate.nl

Mag Raadvanstate.nl cookies op uw computer plaatsen? De Raad van State maakt gebruik van cookies voor het bijhouden van webstatistieken en incidenteel voor andere doeleinden zoals een gebruikersonderzoek. Meer informatie

Ja, ik accepteer de cookies

Raadvanstate.nl verzamelt anonieme bezoekgegevens ter verbetering van de website.

Nee, ik accepteer de cookies niet

Raadvanstate.nl verzamelt geen anonieme bezoekgegevens ter verbetering van de website.

 

Algemene kenmerken geïntegreerde ordening

Deze geïntegreerde Europese en nationale ordening draagt de kenmerken van haar ontstaansgeschiedenis. Het is een in de tijd gegroeid geheel van oorspronkelijke uitgangspunten, pragmatische keuzen, aanleunstructuren en noodoplossingen. De fundamenten en structuren van de oorspronkelijke Europese Gemeenschappen zijn aangevuld en uitgebreid tot een heterogene ordening. Hierin is er niet één aanspreekbaar orgaan of besluitvormingsmechanisme waaromheen democratische betrokkenheid en verantwoording georganiseerd kunnen worden. Bestuur en politiek in die ordening zijn dan ook verre van eenvoudig. Gevolg is dat in het proces van besturen fundamentele vragen over het waarom en waartoe daarvan vaak snel verdwijnen achter de problematiek van het dagelijkse management van issues, beslissingen en crises.

Banvloek

Er is een netwerk ontstaan van besturen en organen met ieder eigen taken en bevoegdheden. Deze staan maar beperkt in een geordende verhouding tot elkaar, maar zijn vaak wel op overleg, afstemming en samenwerking aangewezen om resultaat te boeken. Besluitvorming en handhaving zijn daardoor vaak weinig slagvaardig en eenduidig. Waar bevoegdheden overlappen, kan dit tot beleidsconcurrentie en impasses of langdurige geschillen en onzekerheid leiden. Wanneer de omstandigheden snelle besluitvorming of nieuwe initiatieven vereisen, is het stelsel in de praktijk uiteindelijk op de leiding en soms hegemonie van enkelen aangewezen. Maar iedere suggestie in de richting van een meer rationele ordening roept onmiddellijk het verwijt van ‘federalistisch’ denken, en daarmee een banvloek, op.

Rechtskarakter van de ordening

Een tweede kenmerk is het rechtskarakter van de ordening. Voor haar geldingskracht is de ordening enkel op eerbiediging van het recht aangewezen. Dwangmiddelen om deze kracht bij te zetten, zijn er maar beperkt en – waar voor handen – minder goed bruikbaar. De rechtsmacht van nationale rechters is doorgaans voldoende om met de regels strijdige handelingen te beletten of terug te draaien. Maar om een overheid tot een ‘handelen’ aan te zetten, is dat mechanisme minder adequaat. Dan zijn prikkels of sancties nodig. Nu zijn schorsing of uitsluiting vaak de enig denkbare sancties. Maar een ordening die voor de handhaving van eenheid en slagvaardigheid op schorsing en uitsluiting is aangewezen, is met zichzelf strijdig en minder geloofwaardig. In een ordening die vrijwel geheel berust op vertrouwen, geloofwaardigheid en eerbiediging van het recht bergt iedere actie die dat ‘dunne ijs’ aan de kaak stelt het risico in zich dat iedereen door ‘het ijs’ zakt. Dat geldt zowel voor de dader als voor de aanklager.

Geen dragende functie of waarde

Een derde kenmerk is dat deze ordening geen dragende functie of waarde heeft. Gegeven het ontstaan en de ontwikkeling van de Europese samenwerking is het begrijpelijk dat de ordening niet een dergelijke concrete functie of waarde heeft, maar het is wel een handicap. Het EU-verdrag en het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie bevatten weliswaar een opsomming van waarden, doelen en middelen, maar deze is weinig onderscheidend ten opzichte van de lidstaten. Het is bovendien een zeer brede catalogus. Alleen het waarborgen van een ‘ruimte van vrijheid, veiligheid en recht’ is een onderscheidende taak, maar die is vaak het meest in de verdrukking. Het realiseren van een interne markt (vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal) is geen doel van de Europese Unie, maar slechts een instrument van integratie. Dwingende redenen van algemeen belang kunnen dan ook een uitzondering rechtvaardigen. Toch zijn vrij verkeer, verbod van ongelijke behandeling, open grenzen en mededinging geleidelijk de dragende waarden geworden die met de Europese Unie worden geassocieerd. Zij zijn immers vastgelegd en uitgewerkt in Europese verdragen en Europese regels die voorrang hebben op afwijkende nationale afwegingen.