Cookies en Raadvanstate.nl

Mag Raadvanstate.nl cookies op uw computer plaatsen? De Raad van State maakt gebruik van cookies voor het bijhouden van webstatistieken en incidenteel voor andere doeleinden zoals een gebruikersonderzoek. Meer informatie

Ja, ik accepteer de cookies

Raadvanstate.nl verzamelt anonieme bezoekgegevens ter verbetering van de website.

Nee, ik accepteer de cookies niet

Raadvanstate.nl verzamelt geen anonieme bezoekgegevens ter verbetering van de website.

 
Advisering
Stelselherzieningen
Uitvoerbaarheid en perspectief van de burger
Technologie, persoonsgegevens en digitalisering
Ieder verbindende verdragsbepalingen
Europese samenwerking
Onafhankelijk begrotingstoezicht

Technologie, persoonsgegevens en digitalisering

Kansen en risico’s

Door snelle technologische ontwikkelingen en voortschrijdende digitalisering nemen de mogelijkheden voor het verzamelen en gebruiken van persoonsgegevens in hoog tempo toe. Deze ontwikkelingen bieden kansen, zoals het gebruik van innovatieve producten en diensten waar burgers veel baat bij kunnen hebben. Niet alleen het bedrijfsleven, maar ook de overheid kan deze kansen benutten. Het gebruik van bigdata-analyses kan bijvoorbeeld bijdragen aan een effectiever en efficiënter gebruik van gegevens door politie en justitie, onder meer om preventief op te kunnen treden. Anderzijds kunnen deze ontwikkelingen ook bedreigingen en risico’s meebrengen voor de bescherming van persoonsgegevens. Bij de toetsing van regelgeving beoordeelt de Afdeling advisering of wordt voldaan aan de nationale en internationale kaders voor gegevensbeschermingsrecht. Van belang is daarbij dat in de regelgeving waarborgen zijn opgenomen die op de technologische ontwikkelingen zijn toegespitst.

Technologische ontwikkelingen

Vanaf 25 mei 2018 bepaalt de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) de kaders voor het gegevensbeschermingsrecht. Dat het nieuwe gegevensbeschermingsrecht geen rustig bezit is vanwege technologische ontwikkelingen, komt tot uiting in het advies van de Afdeling advisering over de Uitvoeringswet AVG. Daarin wijst zij op de gevolgen van technologische ontwikkelingen zoals big data en de opkomst van blockchaintechnologie voor de wetgeving en voor de basisprincipes die daaraan ten grondslag liggen, zoals doelbinding en noodzakelijkheid. Met het oog op de technologische ontwikkelingen brengt de AVG weliswaar op een aantal punten vernieuwingen. Voor de basisprincipes is de AVG echter een voortzetting van Richtlijn 95/46/EG. De Afdeling advisering adviseert in de noodzakelijke uitvoeringsbegeleiding aandacht te besteden aan de wijze waarop de technologische ontwikkelingen kunnen worden geïncorporeerd in de praktische toepassing van de AVG en de uitvoeringswet.

Bewaren van persoonsgegevens

Een belangrijk basisprincipe gaat over de termijn van het verzamelen en bewaren van de persoonsgegevens. Zo merkte de Afdeling advisering op over het gebruik van automatic number plate recognition (ANPR) voor verkeersonderzoeken en spitsmijdenprojecten dat de lengte van projecten, gelet op de inbreuk op de privacy, zodanig moet zijn dat het instrument doeltreffend en toereikend is. Verder moeten met het oog op dataminimalisatie de periodes waarin gegevens mogen worden verzameld en bewaard, goed worden afgebakend. Geregeld moet worden dat tijdens de langere vakantieperiodes geen spitsmijdenprojecten mogen plaatsvinden.

Doorgeven van passagiersgegevens door luchtvaartmaatschappijen

In het advies over het implementatiewetsvoorstel voor de Wet gebruik van passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven wijst de Afdeling advisering op het bindende advies van het Hof van Justitie van de Europese Unie over de PNR-overeenkomst tussen de EU en Canada. PNR staat voor: passenger name records. De PNR-overeenkomst gaat over de doorgifte van persoonsgegevens van passagiers door luchtvaartmaatschappijen. Het Hof van Justitie achtte de PNR-overeenkomst op onderdelen onverenigbaar met de grondrechten op eerbiediging van het privéleven en bescherming van persoonsgegevens. Deze zijn via het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie gewaarborgd. Een van de elementen in de overweging van het Hof is dat de mate waarin de geautomatiseerde verwerking van de PNR-gegevens een inmenging oplevert in de rechten van de artikelen 7 en 8 van het Handvest, hoofdzakelijk afhangt van de vooraf vastgestelde modellen en criteria en de databases waarop dit type van gegevensverwerking is gebaseerd. De Afdeling advisering constateert dat de PNR-richtlijn in het licht van het advies van het Hof van Justitie in haar huidige vorm op een aantal onderdelen in strijd is met de grondrechten uit het Handvest. Daarom kan volgens haar niet worden volstaan met de implementatie zoals de regering voorstelt. Er moeten stappen worden gezet met het doel de PNR-richtlijn in overeenstemming te brengen met het Handvest van de grondrechten.

Digitalisering

Ook op het gebied van digitalisering zijn veel verschillende wetsvoorstellen in voorbereiding en in behandeling. Deze voorstellen hebben digitalisering van processen en uitvoering tot doel of beogen gevolgen van digitalisering te verwerken. Het regeerakkoord bevat tal van voornemens die een opdracht vormen tot bestuurlijk handelen en regelgeving op dit terrein. De Afdeling advisering stelt zich ten doel hierin rechtsvorming en rechtseenheid te bevorderen. Van belang is dat kwalitatief goede wetten tot stand komen die goed op elkaar zijn afgestemd. Nevendoelen zijn het bevorderen van de kennis van de materie in de Afdeling advisering en het onderhouden van contacten met relevante organen op dit terrein, zoals ministeries, kennisinstellingen en toezichthouders. De aanpak is om in een aantal gesprekken en sessies met interne en externe deskundigen te komen tot inventarisatie van dilemma’s. Die kunnen worden onderscheiden in dilemma’s op conceptueel hoger abstractieniveau (‘techniekonafhankelijkheid in wetgeving’) en op toegespitster (juridisch) niveau (nieuwe rechtsvragen als ‘hosting liability’). Vervolgens worden deze dilemma’s voorzien van (uitgangspunten voor, richtingen bij) antwoorden. Deze werkwijze is erop gericht nieuwe ontwikkelingen te bediscussiëren en te incorporeren in consistente en uitvoerbare wetgeving.