Cookies en Raadvanstate.nl

Mag Raadvanstate.nl cookies op uw computer plaatsen? De Raad van State maakt gebruik van cookies voor het bijhouden van webstatistieken en incidenteel voor andere doeleinden zoals een gebruikersonderzoek. Er worden tijdens uw bezoek geen cookies geplaatst door anderen dan de Raad van State zelf. Meer informatie op raadvanstate.nl/cookies.

Ja, ik accepteer de cookies

Raadvanstate.nl verzamelt anonieme bezoekgegevens ter verbetering van de website.

Nee, ik accepteer de cookies niet

Raadvanstate.nl verzamelt geen anonieme bezoekgegevens ter verbetering van de website.

 

Geschillenbeslechting

In 2015 is er opnieuw veel aandacht geweest voor de beslechting van geschillen in koninkrijksverband. De Raad van State van het Koninkrijk constateert dat een deel van de verschillen van inzicht mede lijkt te zijn veroorzaakt door onduidelijkheid over vragen als welke verschillende vormen van geschillenbeslechting mogelijk zijn en welke voor- en nadelen elke variant heeft. Ook is onvoldoende duidelijk wat voor soort geschillen precies wordt bedoeld. Daarnaast wordt onvoldoende rekening gehouden met de voorzieningen die op specifieke onderdelen reeds bestaan. Het kan verhelderend zijn na te gaan welke verschillende vormen van geschillenbeslechting inmiddels zijn overeengekomen en of daarmee al ervaringen zijn opgedaan.

De koninkrijkswetgever erkende in 2010 met het nieuwe Statuut dat geschillen tussen het Koninkrijk en één of meer van de landen kunnen ontstaan. Verschillen van inzicht of belangenconflicten zijn geen manco, maar een kenmerk van een staatkundig verband als het Koninkrijk waarbinnen de onderlinge contacten almaar toenemen en steeds intensiever wordt samengewerkt. De Raad deelt het oordeel van de koninkrijkswetgever dat een effectieve behartiging van gemeenschappelijke aangelegenheden wordt bevorderd door geschillen niet te lang te laten voortduren.

Hoewel een algemene geschillenregeling conform artikel 12a van het Statuut vooralsnog ontbreekt, is er sinds 2010 wel ervaring opgedaan met de beslechting van geschillen die zijn ontstaan naar aanleiding van de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten. In deze rijkswet hebben de betrokken landen ervoor gekozen de beslechting van geschillen te laten plaatsvinden via een zogeheten ‘versterkt kroonberoep’.

Bij het financieel toezicht op Curaçao en Sint Maarten is de Raad van State van het Koninkrijk belast met het voorbereiden van het ontwerpbesluit inzake de beslissing op het beroep. De rijksministerraad kan niet afwijken van het ontwerpbesluit als dat gebaseerd is op rechtmatigheidsgronden. Dat deel van het ontwerpbesluit is feitelijk een uitspraak die de Kroon bindt. Ten aanzien van de algemeen-bestuurlijke overwegingen in het ontwerpbesluit kan de Kroon alleen afwijken (‘contrair gaan’) onder een aantal strikte inhoudelijke en procedurele voorwaarden. Daarbij is het de Raad die binnen de grenzen van de rijkswet bepaalt welke onderdelen van het ontwerpbesluit bindend zijn en welke onderdelen gelden als zwaarwegend advies.

Eenzelfde vorm van versterkt kroonberoep is in 2010 overeengekomen bij de Samenwerkingsregeling waarborging plannen van aanpak landstaken Curaçao en Sint Maarten. Een groot aantal van deze plannen van aanpak is inmiddels afgerond.

Met het voorgaande hangt samen de aard en omvang van de te verrichten toetsing. Ook dat vraagstuk is in de adviezen van de Raad aan de orde geweest. Daarbij is benadrukt dat toetsing door de gewone (bestuurs)rechter beperkt zal blijven tot slechts de vragen van rechtmatigheid.

In 2015 zijn Aruba en Nederland overeengekomen dat zij versterkt kroonberoep ook zullen aanwenden voor geschillen die ontstaan als gevolg van het toezicht door het Koninkrijk op de overheidsfinanciën van Aruba. Ook in 2015 kwamen Nederland en Sint Maarten overeen dat zij dezelfde vorm van geschillenbeslechting zullen hanteren voor geschillen tussen het Koninkrijk en Sint Maarten die kunnen voortkomen uit de samenwerking op het gebied van de integriteitsbevordering op Sint Maarten.

Overigens is het aantal geschillen waarover de Raad sinds 2010 een uitspraak heeft moeten doen op basis van de Rijkswet financieel toezicht en de Samenwerkingsregeling waarborging landstaken, opvallend gering: slechts één keer – in 2012 – kwam het tot een ontwerpbesluit bij een geschil over het financieel toezicht op Curaçao. In andere gevallen konden betrokken partijen een geschil tijdig oplossen en was een beroepsprocedure niet nodig. Ook is het voorgekomen dat beroep is aangetekend, maar dat dit voor de zitting werd ingetrokken nadat alsnog een akkoord was bereikt. Een geschillenregeling lijkt in de praktijk ook een positieve disciplinerende werking te hebben ter bespoediging van het bereiken van overeenstemming tussen partijen.

Voor geschillenbeslechting is het belangrijk dat spelregels vooraf voldoende expliciet en duidelijk zijn. Daarom heeft de Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk in november 2015 het Procesreglement rijksbestuursgeschillen vastgesteld. Dit procesreglement is gebaseerd op eerdere ervaringen met bestuursgeschillen en op relevante procedurele ervaringen die in de bestuursrechtspraak zijn opgedaan.